Waarom ik van de nieuwe iBood schrok

Waarom ik van de nieuwe iBood schrok

Ik geef het toe. Iedere ochtend als ik ontwaak, kijk ik altijd even naar de aanbiedingen op iBood. Het is een onderdeel van mijn dagelijkse routine geworden. Een merk die zo’n routineplekje bij haar klanten veroverd heeft, heeft iets goeds gedaan.

Tot vandaag. Ik schrok namelijk van de nieuwe iBood.

Het is alsof de pagina van Google zich heeft laten inspireren door de homepage van Marktplaats. Alle eenvoud is weg. Ik zie een volle iBood-pagina met menu’s, video’s en Flashsales. Tot heden liet ik mij dagelijks verrassen met bijvoorbeeld een tandenborstel die ik helemaal niet nodig had. En dan kocht ik hem nog ook. Nu moet ik ineens doorklikken naar Health.

Maar ik wil helemaal niet doorklikken naar Health. Ik wil verrast worden. Ik wil producten met korting door mijn strot. Ik wil geen power-adapter voor mijn telefoon nodig hebben en er toch een kopen. Ik wil niet eerst aan Health denken voordat ik onverwachts een dekbedovertrek koop.

Er is ook iets gebeurd met de prijzen. In plaats van dat ik de adviesprijs en de korting zie, krijg ik nu steeds vaker een kortingspercentage voorgeschoteld. Net als met de categorieën, dwingt iBood mij nu meer te klikken.

En daar heb ik ‘s ochtends nou net geen zin in. En geen tijd voor.

 

 

 

Hoe Coca-Cola Rotterdam beledigt

Coca-Cola beledigt Rotterdammers
Coca-Cola beledigt Rotterdammers
Coca-Cola beledigt Rotterdammers

Twee jaar geleden hielp ik de vriendin van een vriend verhuizen naar Rotterdam. Ik zat in de uitlaadploeg. Het inladen van de Ikea-kastjes, Afrikaanse beeldjes en rieten mandjes was gedaan in Amsterdam. Haar broer, woonachtig in de hoofdstad, was ook van de partij. Hoewel zijn roots in Friesland liggen, zei hij bij aankomst met bijna perfect Amsterdams accent: ‘Zo, we zijn gearriveerd in het mooie Rotjeknor hoor.’ Het sarcasme droop eraf. Hoewel ik mij als trotse Rotterdammer beledigd voelde, heb ik er maar niets van gezegd.

Gister kwam dit gevoel plotseling weer sterk bij mij naar boven. Want samen met de MediaMarkt folder (‘Ik ben toch niet gek!’) en die van Kruidvat (‘Steeds verrassend, altijd voordelig’) viel er gister bij mij – en waarschijnlijk bij nog zeshonderdduizend Rotterdammers – een krantje in de brievenbus. Op de voorkant staat in grote letters: ‘Rotje Knor’.

De afzender, Coca-Cola, heeft de woorden verdeeld over twee klinkende flesjes waar wat bubbeltjes boven vliegen. De inhoud van het zestien pagina dikke krantje staat bol van de lokale uitingen. Leen en Bertus van Kapper Schorem drinken Coca-Cola. En helemaal mooi, ze mochten van Coca-Cola zelf kiezen met wie ze een Coca-Cola mochten drinken! Nou, dat werd natuurlijk Lemmy van Motörhead. Ook zangeres Ai Ming Oei mag zeggen met wie ze een Coca-Cola deelt. Dat doet ze graag met haar vriendje Stein. En raad eens? Sinds ze hem kent drinkt ze vaker Coca-Cola! Je meent het.

Selfieactie? Check. Popup-store? Check. Influencers? Check. Gadgets? Check. Gepersonaliseerd product? Check. Hashtag? Check. De marketeers hebben zó hun best gedaan, maar ze verzuimden het woord Rotjeknor even in te toetsen in Google. In de top drie van de zoekresultaten staan Wikipedia en dit stukje van Ewoud Sanders in NRC.next. In één seconde lees je dat deze benaming een slecht gevoel kan oproepen bij de Rotterdammer.

En zo valt Coca-Cola, nota bene gevestigd in (randje) Rotterdam, door de mand. Je kunt nog zo je best doen om aansluiting te zoeken met de Rotterdammer, maar het juiste gevoel breng je nooit over als het een trucje is. De campagne is een negen waard, maar zakt met de voorpagina van het krantje met stip naar een schamele drie. De marketeer is vast een Amsterdamse Fries.

Coca-Cola. Met je Rotjeknor.

 

Dit artikel is eerder gepubliceerd op Stadslog.nl en MarketingTribune.nl.

Attendeermarketing met Franse frietjes

Je kent het wel: je hebt net je auto volgetankt en bij het afrekenen attendeert de grauwe Shell medewerker achter glas je op de pakjes kauwgom. Twee voor een euro meneer. De Hema heeft er tegenwoordig ook een handje van. Blijkbaar levert dit irritante gedrag geld op.

Vandaag was ik in een snackbar waar ik normaal nooit kom. Hier maken ze ook gebruik van attendeermarketing (ik weet niet of het echt zo heet, maar het klinkt logisch, dus noem ik het maar zo). Maar dit is een andere variant, die ik nog niet eerder was tegen gekomen.

Een Franse friet alstublieft.
Small, medium of large?
Medium alstublieft. (2,25)
Voor 20 cent meer heeft u een large (2,45)
Wat kost een small Franse friet?
1 euro.
Als ik twee maal een small friet neem, is dit dan net zoveel als een medium friet?
Dat is net iets meer dan een medium Franse friet, meneer.

Uiteindelijk liep ik de gele M uit met méér friet voor 0,25 cent minder, in plaats van 0,20 cent meer.

Attendeermarketing. Het werkt. Maar niet altijd voor de klant.

The Facebook Conference – KLM – Help don’t sell. Talk don’t yell. Show don’t tell. #tfc2013

wijchen

Karlijn Vogel-Meijer van KLM geeft aan dat ze weinig budget hebben voor social, dus ze moeten creatief zijn. Ondertussen heeft KLM 130 mensen op webcare zitten. Naar eigen zeggen is dit geen extra kostenpost omdat deze mensen eerder de telefoon opnamen. De campagnes die ze verder uitvoeren zijn gaaf, maar ook hier lijkt het erop dat er ruim budget aanwezig is. Ik zal het erop houden dat  ‘weinig’ een relatief begrip is.

Hoewel Facebook zelf aangeeft dat ze een keihard advertentiemedium zijn, kijkt KLM een stuk romantischer naar het ‘sociale platform’. “Wij zijn te gast op Facebook en zo gedragen we ons ook”, is het motto. De klant heeft gelijk. Als zij binnen 5 minuten geholpen willen worden, dan moeten we ook gaan kijken of dit mogelijk is, zegt KLM. Aan de andere kant is transparantie ook belangrijk. Als we een klachtenstroom niet aankunnen zullen ze mensen niet in het ongewis laten, maar zeer duidelijk communiceren dat het nu 90 minuten wachten is. Anders is het niet, vertelt Vogel-Meijer.

Echt inspirerend is als we zien hoe een klant zelf een video gemaakt heeft met de vraag of KLM voetbalclub SV Woezik wil sponsoren.  “We hebben beiden captains en een mooie thuisbasis” is een greep uit de vele raakvlakken tussen KLM en de voetbalclub, die de KLM-fan op humoristische wijze de revue laat passeren. KLM gaat met dit pareltje aan de slag.  Ik denk dat zonder een kanaal als Facebook dit soort fan-uitingen geen podium zouden hebben. KLM beweert veel van dit soort content te ontvangen, persoonlijk denk ik dat dat een beetje bluf was. Hoe dan ook, de content is wel heel aanstekelijk.

Qua acties kun je best jaloers zijn op KLM. Ze verkopen via Facebook vluchten die normaal bijna leeg zijn. Bijvoorbeeld door de prijs omlaag laten te gaan in ruil voor likes. Slim, want zo verspreidt de boodschap weer naar vrienden en familie die wellicht ook interesse hebben in de vlucht naar Paramaribo. Offline en offline komen zo dicht bij elkaar. Vluchten vullen met likes, dat is knap. Zeker als dit 900% meer sales oplevert op één dag.

“Van reactief naar proactief naar predictief” staat op een van de laatste slides, waarin KLM duidelijk maakt dat meten belangrijk is om zo het succes van de volgende actie beter te kunnen voorspellen. Dat bekt lekker. De smartphones in de zaal komen tevoorschijn. Dié noteren we even.

Vogel-Meijer geeft aan dat Facebook niet heilig is. Wanneer er een ander kanaal is waar de klant naartoe gaat, zal KLM niet schromen daar actief te worden. Ietwat ongelukkig geeft ze het voorbeeld van Hyves. Logisch dat je daar niets meer doet.

KLM is sinds de aswolk (niet genoemd tijdens deze presentatie) een voorbeeld voor velen in de marketing/online wereld. De romantische benadering ten opzichte van klanten siert hen, maar is niet heel realistisch. Toch maakt KLM mij zeer nieuwsgierig naar het budget dat ze te besteden hebben. Zouden ze zo transparant zijn om dat met mij (ik ben ook klant van KLM!) te delen?

The Facebook Conference – Heinz en de kunst van story telling #tfc2013

heinz

Op 9 oktober 2013 vond The Facebook Conference plaats. Hieronder mijn korte verslag van één van de sessies: Heinz loves conversations – The power of storytelling.

Net als Heineken (ook op The Facebook Conference 2013) is Heinz ketchup eigenlijk niet meer dan een product in een flesje. Op zich valt er weinig over het product te praten. Ketchup heeft geen features, geen knopjes of nieuwe versie. Heinz heeft hiervoor een eenvoudige oplossing: story telling.

Joris Veger van Heinz begint met een verhaal. Het verhaal van Heinz. Mooi dat het bedrijf zo sterk de historie (sinds 1876!) meeneemt in de communicatie. Dat beklijft. Zeker als het nog persoonlijk wordt ook, want op de vraag of je een slapper, cheater, banger of tapper bent reageert de zaal enthousiast. Online wordt er meteen veel over gesproken, deze reactie is het directe bewijs dat story telling werkt.

De verhalen die Heinz vertelt zijn onder te verdelen in vier categorieen:

  • Icon (iconische verhalen uit de geschiedenis)
  • Pure (over het product)
  • Hero (de geheimen van het product)
  • Always (hoe je Heinz altijd kunt gebruiken)

Wanneer Heinz zelf aan het woord is op Facebook, gebruiken ze de ‘speak, spot en spark’- methode, waarvan ‘spot’ bijvoorbeeld een foto is van een celebrity met een fles Heinz ketchup.

Wat mij aansprak is dat Heinz de fans ook zelf verhalen laat vertellen. Dit doen ze middels de zogenaamde Talking Label, een label waarvan je kunt bepalen welke tekst erop komt. Deze wordt niet alleen door consumenten besteld, maar ook gebruikt als cadeautje van Heinz aan hun fans. Kost weinig en toch heel persoonlijk. Veger benadrukt ook dat ‘little acts of kindnessess’ werken. Ik geloof daar zelf ook in.

Ook laten ze de fans aan het woord in panels (500 panelleden die o.a. Facebook posts beoordelen) en in bijeenkomsten waarin de grootste fans de nieuwe oogst tomaten uit de fles mogen knijpen. De mini’s van Albert Heijn worden ook ingezet, via Facebook wordt de community gevraagd de mooiste foto’s met hun ketchup mini in te sturen. Goede inhaker.

De rijdende picknickmand wordt ook genoemd. Een grappig idee, om een picknickmand door het Vondelpark te laten rijden. Dit levert op een vrij eenvoudige manier content op. Alleen jammer dat niet iedereen begrijpt wie de afzender is, zo getuigt dit filmpje.

De video die als afsluiter werd gebruikt, toont hoe mooi Heinz uit de historie kan putten (icon). Het geklop op de flesjes ging over in applaus van de zaal.

 

 

Ben ik een great communicator?

Story Telling
Story Telling

Je houding niet weten te vinden. Een beetje rond dartelen. Een droge keel. Snelle ademhaling. Niet op de juiste woorden komen. Gezien al deze mogelijke verschijnselen (en er zijn nog veel meer) klinkt het bijna raar dat ik spreken voor een groep leuk vind. Misschien heb ik de aandacht een beetje nodig?

Ik had aangeboden om te spreken op Microsoft Next, een intern platform waar iedereen uit het bedrijf naar toe mag komen. Met een camera op je smoel mag je in exact tien minuten je verhaal doen. Na een tweede keer spreken kreeg ik het aanbod met zo’n vijftien andere sprekers deel te nemen aan een workshop story telling.

Wat heb ik geleerd?

Het bedrijf Great Communicators, welk ook sprekers voor TEDX begeleidt, is een dag bij ons op kantoor langs geweest om ons de geheimen van verhalen vertellen te ontrafelen. Hoe sta je voor een groep? Hoe bouw je een verhaal op? Wat doe je met je houding en ademhaling? Deze – en andere – vragen werden beantwoord, aan de hand van één minuut presentaties die we voor de groep deden.

Een paar dingen die ik geleerd heb en meteen tijdens de workshop heb kunnen toepassen:

– ademen vanuit je buik om je lekker relaxed te voelen
– rechtop staan en zet je voeten soms in een ‘bak cement’ (sprak mij als liefhebber van mafiafilms wel aan)
– op de juiste momenten stiltes laten vallen
– varieren met je stem

Natuurlijk klinken sommige dingen logisch, maar met de professionele hulp van Great Communicators heb ik iedereen in onze groep grote stappen zien maken in het vertellen van een verhaal. Ik raad deze club daarom van harte aan.

Een tip van mij

Ik leer maar een paar korte stukjes uit mijn hoofd, bijvoorbeeld de start van het verhaal. De rest komt vanzelf wel. Van te voren oefen ik het verhaal een aantal keer in mijn hoofd, van begin tot einde. Iedere keer doe ik het ‘free format’, het is altijd iets anders. Dat maakt het mogelijk om tijdens het uiteindelijke spreken te kunnen kiezen uit de opties die allemaal in mijn hoofd zijn langsgekomen. Op die manier kan ik mijn verhaal aanpassen aan het publiek of de situatie.

Iedereen moet een verhaal kunnen vertellen

Wat mij betreft moet iedereen die in gesprek is met de klant, of dat nu face to face, via de telefoon of via social media is, een workshop als deze volgen. Vaak zijn we zo geneigd om te willen vertellen wat we willen vertellen, terwijl het er om gaat wat de luisteraar wil horen. En los van het verhaal: de manier waarop is essentieel.

Ben ik een great communicator?

Een beetje trots ben ik dat ik aan het einde van de workshop na een duel als beste story teller uit de bus kwam en met een tegeltjeswijsheid naar huis mocht.  Ben ik daardoor een great communicator? In ieder geval voor een dag! Maar er is nog genoeg te leren en te verbeteren. Met de dingen die ik op de workshop heb geleerd ben ik in ieder geval een stapje dichterbij.

Feel the fear and do it anyway!

Heb jij nog goede story telling tips of ervaringen?

 

 

 

XS4ALL – Alles is plastic

Gister kwam ik thuis en op tafel lag er een DVD van de film Alles is Familie. Niet bepaald het type film waarmee mijn vriendin op de proppen zou komen. Sterker nog; ze zou überhaupt nooit met een DVD thuiskomen. Want wie speelt er nog DVD’s af? De afzender bleek XS4ALL te zijn. Iets beter kijken op het hoesje leerde ons het volgende: “Dit hoesje maakt deel uit van de 100 films kijken voor 0 euro bij Interactieve TV actie van XS4ALL en bevat niet de bijbehorende DVD.”

De onderstaande tweet schets mooi de eerste reactie van mensen die de kleine lettertjes niet direct zien:

xs4allALLESISFAMILIETWEET

Hoe groot moet de teleurstelling zijn als Edith met haar hele familie met een grote bak paprikachips en een lekker wijntje zich voor de televisie hebben genesteld om deze film te bekijken?

De eerste reacties verschijnen op Twitter. Het loopt nog niet storm, dus de PR-afdeling van XS4ALL kan wellicht een rustig Pasen tegemoet zien. Toch ergeren velen zich aan het verspillen van plastic. Ik ook. Mijn exemplaar gaat ongeopend retour naar XS4ALL.

XS4ALL Plastic verspilling

Tot slot: het ergste is dat nu dat irritante liedje van Blof niet meer uit mijn hoofd gaat.